Machteld Huber en de dimensie lichaamsfuncties

 In Tips van Machteld

De komende tijd laat Machteld Huber haar licht schijnen over de 6 dimensies van Positieve Gezondheid. Het dagelijkse leven is daarbij haar inspiratiebron. Dit keer: de lichaamsfuncties. ‘We kunnen meer weten over ons eigen lichaam dan we vaak beseffen.’

‘Steeds vaker zie je mensen op hun telefoon kijken om na te gaan hoe het met ze gaat. Zo maakt een kennis met hartproblemen via een app elke dag een hartfilmpje. En zie ik vrienden en collega’s lopen met stappentellers, calorietellers en apps voor hun nachtrust.

Ik ben als jonge huisarts 4 keer heftig ziek geweest. Gaandeweg merkte ik dat mijn lijf haarfijn wist te vertellen hoe het ervoor stond en wat het nodig had. Het ging erom dat ik leerde waarnemen, of voelen eigenlijk, wat de signalen waren. Ik denk dat het verwant is aan hoe dieren instinctief ander gedrag vertonen als er iets niet goed is. De hond die gras eet om te braken wanneer hij maag- of darmproblemen heeft. Of de zieke kat die zich terugtrekt op een rustige plek. Iets soortgelijks gebeurde er tijdens mijn ziekteperiodes; ik kon voelen wat ik het beste kon doen. Het zit op het niveau van wat je in je lijf voelt als je grieperig wordt. Dat vage onbehagelijke, pijnlijke gevoel dat je als het ware aanspoort om je bed in te duiken. Op die laag van vitaliteit kan je ook met je lijf in contact zijn als je geen griep hebt.

Hoe het met de vitaliteit van je lijf gesteld is, is aanvankelijk best een lastige vraag om te beantwoorden. Toen ik cursussen gaf over vitaliteit, liet ik mensen zichzelf een rapportcijfer geven. Dan liet ik ze zich inleven in een baby die net gedronken heeft – glanzend van welbehagen; dat is dan een 10. En daarnaast in een oude magere man in zijn laatste levensfase: vermoeid en op; laat dat een 1 zijn. Waar zit jij dan nu met je lijfgevoel, vroeg ik dan. Die vraag zet de deur open naar de volgende: en wat heb je nodig om je beter te voelen? Vaak kunnen mensen dat dan heel goed aangeven. De behoeftes kunnen uiteenlopen van een weekend bijslapen of een verwendagje in de sauna tot een lange wandeling in de natuur. Het gaat erom dat je dan ook gaat doen wat jij nodig hebt.

Ze zijn heel handig, al die apps. Maar ik ben ervan overtuigd dat we meer informatie over ons eigen lichaam bij ons dragen dan we ons realiseren. Hoe mooi zou het zijn als we onze eigen waarneming meer zouden ontwikkelen? Het is heel dichtbij en geeft je wat in handen wat je zelf kunt doen.’