Hoe blijf je in coronatijd als verpleegkundig specialist Positief Gezond?

 In Serie coronatijd

Zorgen voor de ander vraagt in deze tijd veel van professionals. En ook van hen als mens. Wat zien zij gebeuren, hoe slaan zij zich door deze periode heen? Die vraag gaan we ze geregeld stellen. Dit keer aan verpleegkundig specialist oncologie Bert van Rixtel, UMC Utrecht. ‘Betekenisvolle aandacht, daar draait het om.’

 

Bert van Rixtel

‘Het is in deze tijd een enorm gepuzzel om patiënten met blaaskanker snel na de diagnose te opereren – wat vaak noodzakelijk is. Een operatiekamer plannen is vaak geen probleem. Maar op de ic – waar patiënten na de operatie een nacht verblijven – is de capaciteit nog onvoorspelbaar. Dat kan betekenen dat ze ineens aan de beurt zijn als er een plek vrijvalt, of juist twee dagen later geholpen worden dan gepland. Dat vraagt veel van patiënten. En van de begeleiding.

 

In één gesprek

Als patiënten in het ziekenhuis de uitslag krijgen van de uroloog, komen ze gelijk bij mij om uitleg te krijgen over de operatie. Vanwege de coronamaatregelen moeten we dat gesprek nu pal achter de uitslag van de uroloog plannen. Het blijft bij dit ene gesprek; daarin moet het allemaal gebeuren. Maar deze mensen hebben net gehoord dat ze kanker hebben en gaan een ingrijpend proces in. Mijn focus ligt vaak op het persoonlijke: ik snap dat je dit nieuws nu hebt gehad, wat is voor jou nu belangrijk en wat heb je nodig om dit te dragen?

 

Het is hard werken

Zo’n gesprek kost me veel energie. Het is hard werken om de kracht van de patiënt aan te spreken door de juiste vragen te stellen, en óók nog de informatie over de operatie te geven. Er is maar kort de tijd. Tegelijkertijd krijg je er ook veel energie voor terug. Het is fijn om zo dicht bij mensen te mogen komen en om iets bij te dragen aan het moeilijke proces waar zij doorheen moeten.

 

Patiënten kunnen me altijd bellen

Na de operatie ga ik langs op de afdeling waar de patiënt ligt. Ik wil vertrouwen kweken voor de tijd die daarna komt. Vanaf dat moment houden we namelijk noodgedwongen telefonisch contact. Ik wil dat patiënten het gevoel hebben dat ze me altijd kunnen bellen als er complicaties zijn. Veel patiënten hebben de neiging om te wachten, omdat het ziekenhuis wel druk zal zijn met corona. Maar te lang wachten is in hun situatie bloedlink.

 

Betekenisvolle aandacht geven

Het nabellen doe ik vanuit huis. Zo’n telefoontje wordt enorm gewaardeerd. Ja ik bel alweer, zeg ik dan. Wat ik wil weten is hoe het gaat met bijvoorbeeld de ontlasting, het plassen, wel of geen koorts. Toch stel ik niet gelijk complicatiegerichte vragen. Ik begin een open gesprek. Bijvoorbeeld over hoe het met ze gaat in deze tijd, wat ze gedaan hebben de afgelopen dagen. Dat vertelt meer, én het helpt mensen om ook zelf de complicaties tijdig te herkennen. Die betekenisvolle aandacht vind ik erg belangrijk. Tegelijkertijd is het heel intensief, omdat je mensen niet ziet en je geen signalen mag missen.

 

Ook afstand nemen

Wat mij normaal gesproken helpt om wat afstand te nemen van mijn werk, is mijn boetseerclub. Daar kan ik met mijn handen bezig zijn, en mijn denken uitzetten. De club kan nu niet bij elkaar komen. In plaats daarvan wandel ik zo veel mogelijk. Zo loop ik zelfs tijdens mijn werk vaak bewust even om. Hup, even door de draaideur naar buiten en via de fietsenkelder weer naar binnen. Even frisse lucht.

 

Nu al denken wat je wilt behouden

In deze tijd van hollen en stilstaan heb je elkaar hard nodig als collega’s. Daarom praten we veel met elkaar. Hoe zit je erbij? Wat gaat goed, wat kan beter? Zo merkten we dat we de collega’s van andere afdelingen nu hard nodig hebben om in korte tijd een volledig beeld te krijgen van een patiënt. Dat heeft een enorme meerwaarde, die verschillende blikken. Deze samenwerking willen we vasthouden, ook na corona. We hebben al afspraken gemaakt over hoe we dát gaan doen.’