Hoe blijf je in coronatijd als sociaal-verpleegkundige Positief Gezond?

 In Serie coronatijd

‘Zorgen voor de ander vraagt in deze tijd veel van professionals. En ook van hen als mens. Wat zien zij gebeuren, hoe slaan zij zich door deze periode heen? Die vraag gaan we ze geregeld stellen. Dit keer aan sociaal-verpleegkundige Margreet Vossebelt van GGD IJsselland. ‘We moeten allemaal kunnen blijven meebewegen.’

 

‘Waar ik steeds mee bezig ben, is zoeken naar balans. Je wordt constant uitgedaagd, op alle fronten. Hoe blijf je overeind, hoe hou je het leefbaar? Ik realiseer me heel goed dat ik bevoorrecht ben. Ik ben gezond, heb een boeiende baan. Sterker nog: ik heb überhaupt nog een inkomen. Stel je voor dat ik in de horeca had gewerkt… ‘

 

Op adem komen

Ik doe werk dat ik belangrijk vind. Dat geeft veel energie. Maar ik zit er ook wel eens doorheen. Als ik vrij neem, zijn dat liefst een paar dagen achter elkaar. De eerste dag kom ik bij, pas daarna kan ik weer iets voor mezelf doen, een boek lezen of zo. Binnen onze GGD is er ruimte om samen dit soort keuzes te maken. We zijn flexibel met roosters. Heel belangrijk, want je moet wel echt op adem kunnen komen.

 

Eerst nog ver weg

Toen we in januari hoorden over corona, was het nog ergens ver weg in China. De groeiende media-aandacht leidde tot publieksvragen. En met de eerste patiënten in de regio ging het echt los. Wat we eerst nog allemaal als klein team deden, is inmiddels verdeeld over velen. Je hebt nu teams die vragen beantwoorden, teams die bron- en contactonderzoek doen, teams die mensen thuis testen. En er is een heuse teststraat voor zorgmedewerkers. De hele GGD staat in het teken van corona.

 

Iedereen is toegewijd

Veel collega’s doen nu heel ander werk. De scholen zijn dicht, dus de JGZ-mensen springen bij. Dat kan heel goed en iedereen is ook heel toegewijd. Maar het is soms wel zwaar. Want stel je eens voor dat je altijd vooral met leefstijl van kinderen bezig was, en nu ineens gesprekken voert met mensen die doodziek zijn. Of die net een naaste hebben verloren. Aan het einde van elke dag is er nu een debriefing, waarin collega’s kunnen vertellen wat ze hebben meegemaakt. En vooral ook wat dat met ze doet.

 

Blijven meebewegen

Dit past allemaal heel goed bij Positieve Gezondheid. In mijn gesprekken met collega’s denk ik vaak aan het spinnenweb. Want al zijn we allemaal met dat virus bezig, juist nu gaat het ook om dingen als het sociale. En om vragen rond zingeving bijvoorbeeld. Iedereen ervaart aan den lijve dat gezondheid veel meer is dan de afwezigheid van ziekte. De situatie verandert ook elke dag en we moeten allemaal blijven meebewegen. Ons steeds weer heroriënteren op de werkelijkheid om ons heen. Dat vraagt heel veel van je veerkracht. Als mens én als organisatie.


Zelf aan zet

Een heel belangrijke les van Positieve Gezondheid vind ik deze: we gaan van zorgen vóór naar zorgen dát. Ik herinner me een telefoontje van een huisarts, aan het begin van de crisis. Die had een Covid19-patiënt in de praktijk én een assistente met een verminderde weerstand. Hij vroeg om raad. Voorheen zou ik een advies op maat hebben gegeven. Maar nu raakten we in gesprek en zochten samen naar mogelijke oplossingen. Aan het eind realiseerde de huisarts zich: ik ben nu zelf aan zet!


Vertrouwen op eigen kracht

De onzekere situatie doet een voortdurend appèl op iedereen om vooral zelf de regie te pakken. Mijn boodschap is nu veel meer: ga het aan! Ik zeg dan: ik heb kennis van infectieziektebestrijding, maar jij bent de deskundige op jouw vakgebied. Samen kunnen we deze crisis aan. Als GGD proberen we collega’s in de gezondheidszorg te stimuleren op hun eigen kracht te vertrouwen. Zoals je dat met Positieve Gezondheid per definitie doet. Namelijk mensen het vertrouwen gunnen dat ze kunnen varen op wat ze gewoon in huis hebben. En dát te doen waar je zelf nog invloed op hebt.’